|
Hoe verhalen werken (column) |
|
|
|
|

We leven in een samenleving waarin je, behalve als je in een hutje in de woestijn woont, wordt blootgesteld aan een constante informatiestroom. En trouwens, in dat hutje zit je natuurlijk met je satellietverbinding.
Overal waar je kijkt vind je een boodschap. Je wordt doodgegooid met schreeuwerige reclames, je struikelt over stapels gratis kranten die overal worden verspreid en als je niet dagelijks een mailtje of drie in je mailbox hebt dan zou je je bijna eenzaam gaan voelen. |
|
meer...
|
|

`Voor niks komt de zon op,’ zei mijn docent economie altijd. Het was een lange, rijzige man met een flinke neus en twijfelachtig kapsel. Dat maakte mij woest. Ik was een enorme alto in die tijd. Lang haar, puistenkop, kleren die regelrecht uit de Humana-bak leken te komen: een man van idealen. Ik zou die docent wel eens laten zien dat hij ongelijk had. Dus sloot ik economie af met een mager zesje. Niet dat dit nu heeft bijzonder was, ik sloot eigenlijk al mijn vakken af met een mager zesje. |
|
meer...
|
|

Op de middelbare school bestond er een consensus over het feit dat ik ooit een boek zou schrijven. Het feit. Zonder dat ik ooit die wens expliciet had gemaakt. Er bestond verder ook de consensus dat er nooit wat van mij terecht zou komen. Ook een feit. Dat ik ergens vakken zou gaan vullen. Niet omdat ik dom was, maar omdat ik lui ben. Nog steeds, maar dat terzijde. |
|
meer...
|
|
Voor het te laat is (column) |
|
|
|
|

Vorige week herlas ik voor het eerst sinds tien jaar het boek Torenhoog en mijlenbreed van Tonke Dragt. Een boek dat ik vroeger verslond. Vandaag houdt het zich net zo goed staande als bij de eerste lezing. Ondanks de jaren en ondanks dat ik allang niet meer tot de doelgroep behoor. Het lag in de boekwinkel en ik kon het daar niet laten.
|
|
meer...
|
|

Ik zal waarschijnlijk niet snel met gedichten debuteren. Als dit komt doordat ik slecht schrijf: soit. Belangrijker is de vraag of het er voor mij toe dat ik publiceer. Hierop kan ik een volmondig nee antwoorden. Toen ik begon met schrijven nam ik me voor te gaan schrijven wat ik zelf zou willen lezen. Daarom zal ik niet snel met gedichten debuteren. Op het boek psalmen en wat verspeidt werk van de spanjaard Frederico Garcia Lorca na hou ik niet van poëzie op print. Poëziebundels zijn bladmuziek.
|
|
meer...
|
|

We willen nog wel eens voor onkosten optreden. Omdat we podiumgeil zijn, maar ook omdat kleine podia vaak heel leuk uitpakken. Vaak, zeg ik. Niet altijd. |
|
meer...
|
|

Ik ben in London. Ik sta bij de speaker’s corner in Hyde Park. Hier komen de sprekers samen om te discussiëren op het gras tussen de bankjes. Hier komen ze hun publiek vertellen van alle naderende rampen.
|
|
meer...
|
|
|
Het regent vandaag. Ik zit snipverkouden achter de computer. De laatste weken is schrijven net een rotstelling met schaken. |
|
meer...
|
|
|
Column: De heren en dames lokale pers |
|
|
|
|
4-2-08

‘Heeft je verhaal ook een einde?,’ vraagt mevrouw lokale
radiozender.
‘Ja, op het einde struikelt de...’
‘Nee, nee, niet verklappen!’
‘Dus de vraag is... of mijn verhaal een einde heeft?’
‘Ja.’
|
|
meer...
|
|
|
column: Van de laagste plank |
|
|
|
|
|
Column: Stof voor dramaschrijven |
|
|
|
|
|
|
<< Begin < Vorige 1 2 Volgende > Einde >>
|
| Resultaten 1 - 16 van 24 |